Huishoudelijk reglement

zoals laatstelijk vastgesteld tijdens de jaarvergadering 12 juni 2015

 

ASPIRANTLEDEN

Artikel 1

De voordracht tot toelating als aspirant lid van de vereniging door het algemeen bestuur aan de leden geschiedt zodra men door de toelatingscommissie tot de opleiding is toegelaten.

 

REGISTERLEDEN

Artikel 2

De voordracht tot toelating als registerlid van de vereniging door het algemeen bestuur aan de leden geschiedt na een beslissing hierover door het bestuur van het Register.

De eisen en regels van een door de NVPP erkend Register worden omschreven in het desbetreffende Registerreglement.

 

LEDEN

Artikel 3

De voordracht tot toelating als gewoon lid van de vereniging door het algemeen bestuur aan de leden kan alleen geschieden nadat door de Toelatingscommissie aan het algemeen bestuur een positief advies is uitgebracht.

De aanvrager dient, behoudens aan de statutair gestelde voor¬waarden (artikel 4.6 van de statuten), te voldoen aan de in het Opleidingsreglement omschreven eisen.

 

LEDEN SPECIALISTEN

Artikel 4

De voordracht tot toelating als lid specialist van de vereniging door het algemeen bestuur aan de leden kan alleen geschieden nadat door de Toelatingscommissie aan het bestuur een positief advies is uitgebracht.

De aanvrager dient aan de statutair gestelde voorwaarden (artikel 4.7 van de statuten) te voldoen.

 

BELANGSTELLENDE LEDEN

Artikel 5

De voordracht tot toelating als belangstellend lid van de vereniging geschiedt door het algemeen bestuur aan de leden.

 

PROCEDURE VAN TOELATING VOOR HET LIDMAATSCHAP

Artikel 6

1. De aanvraag tot toelating als gewoon lid, of lid specialist van de vereniging dient te worden gericht aan de Toelatingscommissie.

2. De aanvraag tot toelating als registerlid dient te worden gericht aan het bestuur van het desbetreffende register.

3. De aanvraag tot toelating tot het belangstellend lidmaatschap dient te worden gericht aan het algemeen bestuur van de vereniging.

4. Een nadere uitwerking van de toelatingsprocedure staat omschreven in het Toelatingsreglement, dat wordt vastgesteld door de ledenvergadering met inachtneming van de vereisten zoals opgenomen in de statuten.

 

CONTRIBUTIE

Artikel 7

1. De jaarlijkse contributie dient door de leden uiterlijk op 1 april van ieder jaar of uiterlijk een maand na toetreding te worden voldaan.

2. De penningmeester dient, in geval betaling ondanks toezending van een tweetal betalingsherinneringen achterwege blijft, het betreffende lid aan het bestuur voor te dragen voor opzegging als bedoeld in artikel 6 van de statuten.

3. Voor gewone leden van 70 jaar of ouder vervalt op verzoek de contributieverplichting. Voor gewone leden van 65 tot 70 jaar is op verzoek een gereduceerd tarief van 25% van de contributie mogelijk.

4. De hoogte van de contributie voor de verschillende categorieën leden wordt op voordracht van de penningmeester door de ledenvergadering vastgesteld.

 

ERKENNING EN PROCEDURE LEERANALYTICUS/PSYCHOANALYTISCH LEERTHERAPEUT

Artikel 8

De statuten schrijven voor dat de leden een eigen analyse of psychoanalytische psychotherapie ondergaan dienen te hebben bij een daartoe door de NVPP erkende leeranalyticus (AVL)/psychoanalytisch leertherapeut(PVL) (art. 4.6.4.). Naast de erkenning als leeranalyticus en/of leertherapeut voor het lidmaatschap van de NVPP, voorziet de NVPP ook in een erkenning tot leertherapeut(LT).

Selectiecriteria

1. Erkenningseisen AVL (psychoanalyticus erkend voor de analyse vereist voor het lidmaatschap).:

1.1. Gewoon lidmaatschap van de NVPP gedurende tenminste vier jaar.

1.2. Opgeleid zijn tot psychoanalyticus.

1.3. In de vier jaar voorafgaande aan de aanmelding voor erkenning als AVL moet de kandidaat tenminste 1300 uur analyse hebben verricht met een frequentie van minimaal vier keer per week. Deze analyses mogen niet worden verricht in het kader van de opleiding tot psychoanalyticus.

1.4. De kandidaat voor erkenning als AVL doet bij één door de NVPP erkende supervisor, die zelf analyticus is, die tevens tenminste drie jaar door de NVPP erkend AVL is, een verplichte supervisie over één psychoanalyse (met een frequentie van minimaal vier keer per week). Indien het een supervisie van een leeranalyse betreft dient de supervisor tevens minstens drie jaar door de NVPP erkend AVL te zijn. De verplichte supervisieperiode duurt ten minste een jaar. De frequentie van de supervisie is een maal per veertien dagen. Het totaal aantal supervisiezittingen dient minstens twintig te zijn.

2. Erkenningseisen PVL (psychoanalytisch leertherapeut erkend voor de psychotherapie vereist voor het lidmaatschap)

2.1. Gewoon lidmaatschap van de NVPP gedurende tenminste vier jaar.

2.2. In de vier jaar voorafgaande aan de aanmelding voor erkenning als psychoanalytisch leertherapeut moet de kandidaat tenminste 1300 psychoanalytische psychotherapie-uren hebben verricht, waarvan tenminste 500 sessies besteed moeten zijn aan psychotherapieën met een frequentie van minimaal twee keer per week.

2.3. De kandidaat voor erkenning als psychoanalytisch leertherapeut doet bij één door de NVPP erkende supervisor, die tevens minstens drie jaar door de NVPP erkend AVL/PVL is, een verplichte supervisie over één therapie (met een frequentie van minimaal twee keer per week). Indien het een supervisie van een leertherapie betreft, dient de supervisor tevens minstens drie jaar door de NVPP erkend AVL/PVL te zijn. De verplichte supervisieperiode duurt minstens een jaar. De frequentie van de supervisie is eenmaal per veertien dagen. Het totaal aantal supervisiezittingen dient minstens twintig te zijn.

3. Erkenningseisen voor de gecombineerde erkenning AVL en PVL

3.1. Gewoon lidmaatschap van de NVPP gedurende tenminste 4 jaar.

3.2. Opgeleid zijn tot psychoanalyticus.

3.3. In de vier jaar voorafgaand aan de aanmelding voor de gecombineerde erkenning als AVL /PVL moet de kandidaat tenminste 1300 uur psychoanalyse hebben verricht met een frequentie van minimaal vier keer per week. Deze psychoanalyses mogen niet worden verricht in het kader van de opleiding tot psychoanalyticus. Daarnaast moet de kandidaat tenminste 800 uur psychoanalytische psychotherapie hebben verricht, waarvan tenminste 500 sessies besteed moeten zijn aan psychoanalytische psychotherapieën met een frequentie van twee keer per week.

3.4. De kandidaat voor de gecombineerde erkenning als AVL /PVL doet bij één door de NVPP erkende supervisor, die tevens ten minste drie jaar door de NVPP erkend AVL is, een verplichte supervisie over één psychoanalyse (met een frequentie van minimaal vier keer per week). Deze verplichte supervisieperiode duurt tenminste een jaar. De frequentie van de supervisie is een maal per veertien dagen. Het totaal aantal supervisies dient minstens 20 te zijn.Daarnaast doet de kandidaat bij één door de NVPP erkende supervisor, die tevens minstens drie jaar door de NVPP erkend AVL/PVL is, een verplichte supervisie over één therapie (met een frequentie van twee keer per week). Indien het een supervisie van een leeranalyse/leertherapie betreft, dient de supervisor tevens minstens drie jaar door de NVPP erkend AVL/PVL te zijn. De verplichte supervisieperiode duurt minstens een jaar. De frequentie van de supervisie is eenmaal per veertien dagen. Het totaal aantal supervisiezittingen dient minstens 20 te zijn. Het totaal aantal supervisiesessies voor de gecombineerde erkenning AVL/PVL is dus 40 .

4. Erkenningseisen voor LT (leertherapeut)

N.B. Deze nieuwe categorie is in het leven geroepen om te beantwoorden aan de grote externe vraag naar leertherapeuten. Het gaat om therapieën met een frequentie van 1 keer per week in het kader van opleidingen tot bv. gz-psycholoog, klinisch psycholoog, psychotherapeut en psychiater. Het gaat dus niet om therapieën in het kader van de NVPP-opleiding; daarvoor zijn leden beschikbaar met een AVL en/of PVL-erkenning.

De erkenning tot PVL houdt automatisch de erkenning tot LT in.

4.1. Gewoon lidmaatschap van de NVPP gedurende tenminste 4 jaar.

4.2. In de vier jaar voorafgaand aan de aanmelding voor erkenning als LT moet de kandidaat tenminste 1300 uur psychoanalytische psychotherapie hebben verricht.

4.3.De kandidaat voor erkenning als LT doet bij één door de NVPP erkende supervisor, die tevens minstens drie jaar door de NVPP erkend AVL/PVL/LT is, een verplichte supervisie over twee therapieën. Indien het een supervisie van een leertherapie betreft, dient de supervisor tevens minstens drie jaar door de NVPP erkend AVL/PVL/LT te zijn. De verplichte supervisieperiode duurt minstens een jaar. De frequentie van de supervisie is eenmaal per veertien dagen. Het totaal aantal supervisiezittingen dient minstens 20 te zijn.

Erkenningsprocedure:

Na aanmelding bij de secretaris van het bestuur dient een eerste aanvraagformulier ingevuld en geretourneerd te worden aan het secretariaat. Na ontvangst krijgt de aanvrager van het secretariaat het tweede aanmeldingsformulier, dat na invulling gestuurd wordt naar de leden van de commissie Erkenning leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut. Indien de aanvrager voldoet aan de eerste drie eisen van de selectiecriteria voor AVL, PVL en de combinatie AVP/PVL, en aan de eerste twee van de selectiecriteria voor de erkenning tot LT, kan de verplichte supervisieperiode van start gaan. De supervisiekosten zijn voor rekening van de aanvrager.

Aan het einde van de supervisieperiode volgt een evaluatiegesprek met de supervisor, waarvan rapport wordt uitgebracht aan de commissie Erkenning leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut. Deze adviseert uiterlijk drie maanden na ontvangst van de eindevaluatie het bestuur over de erkenning.

Dispensaties:

Het is mogelijk dispensatie te verkrijgen voor sommige onderdelen van de erkenningseisen:

a. het vierjarige lidmaatschap van de NVPP:

Nieuwe leden van de NVPP, die voorafgaand aan hun NVPP-lidmaatschap reeds minimaal 4 jaar lid waren van een van de andere analytische verenigingen (NVPA, NPG en NPAG), kunnen bij aanvraag voor erkenning als leeranalyticus en/of psychoanalytisch leertherapeut , dispensatie vragen voor het 4-jarige lidmaatschap van de NVPP. Het 4-jarig lidmaatschap van een andere analytische vereniging wordt dan als gelijkwaardig gezien aan een 4-jarig NVPP lidmaatschap.

b. uren werkervaring:

Indien leden van de NVPP niet in de gelegenheid zijn (geweest) om in de tijd van 4 jaar lidmaatschap de benodigde werkervaring op te bouwen, kunnen zij dispensatie aanvragen voor de eis van 4 jaar lidmaatschap. In dergelijke gevallen kan de periode van werkervaring verlengd worden van 4 jaar naar 6 jaar.

c. verplicht supervisietraject:

Een aanvrager die dispensatie heeft verkregen voor het 4-jarig lidmaatschap en over voldoende werkervaring beschikt, kan ook dispensatie aanvragen voor het daarop volgende supervisietraject. Aanvrager dient dan aantoonbaar supervisies te hebben genoten van supervisoren, die door een van de andere analytische verenigingen erkend zijn. Deze supervisies dienen naar aantal, duur van de periode (minimaal 1 jaar) en naar beoordeling te voldoen aan de eisen, die gesteld worden aan het supervisietraject binnen de erkenningsprocedure van de NVPP.

d. dispensatie voor een leertherapie of leeranalyse bij een gewoon lidkan worden verleend, indien het betrokken lid bereid is supervisie voor deze behandeling te vragen bij een door de NVPP erkende supervisor, die tevens meer dan 3 jaar AVL en/of PVL is. De behandeling kan dan als een ad hoc leerbehandeling worden gezien en voor dit geval als leeranalyse of leertherapie worden erkend. In het geval de betrokken analyticus of psychotherapeut een aanvraag zou willen indienen voor erkenning als AVL, PVL/LT of AVL/PVL/LT en daar volgens de regels van het HHR voor in aanmerking komt, kunnen de supervisieuren aangemerkt worden als behorend tot het supervisietraject in het kader van de erkenningsprocedure.

 

ERKENNING EN PROCEDURE SUPERVISOREN

Artikel 9

Erkenning als supervisor van de NVPP kan plaats vinden na het volgen van de supervisorenopleiding van de NVPP. Betrokkene dient een aanvraag daartoe in te dienen bij de secretaris van het bestuur. De supervisorenopleidingscommissie adviseert het bestuur over de toelating tot de opleiding en de erkenning als supervisor. Toelating tot de supervisorenopleiding staat in beginsel open voor alle gewone leden, die minstens twee jaar gewoon lid zijn. Indien deze eis tot grote onbillijkheid zou leiden, beslist het bestuur na advies van de supervisorenopleidingscommissie.

 

DOCENTEN EN LEIDERS TECHNISCH SEMINAAR

Artikel 10

Het docentschap staat in beginsel open voor alle gewone leden en leden specialisten.

Voor de functie van leider van een technisch seminaar gelden dezelfde eisen als voor een supervisor.

Artikel 11

Opleiders, supervisoren en leeranalytici/psychoanalytisch leertherapeuten dienen te verklaren zich te houden aan de voorschriften die gelden in de NVPP betreffende opleiding, supervisie en leerbehandeling.

 

COMMISSIE VAN BEROEP

Artikel 12

Samenstelling:

1. De commissie van beroep bestaat uit tenminste drie leden, waaronder een voorzitter en een secretaris en tenminste een plaatsvervangend lid.

2. De onder 1. bedoelde leden en plaatsvervangende leden worden op voordracht van het bestuur of van tenminste 5 gewone leden van de vereniging voor de duur van drie jaar gekozen door de algemene ledenvergadering.

3.a) De voorzitter van de commissie van beroep wordt in functie gekozen.

b) De commissie kiest uit haar midden een secretaris.

c) Een van de leden heeft de hoedanigheid van meester in de rechten.

4. De leden en plaatsvervangende leden van de commissie van beroep moeten gewone leden of leden specialist van de vereniging zijn, met uitzondering van het lid als bedoeld in lid 3 sub c. van dit artikel.

5. Jaarlijks treedt zoveel mogelijk een/derde van de leden volgens een op te maken rooster af. Aftredende leden zijn terstond herkiesbaar.

Algemene bepalingen:

1. Een lid van de commissie van beroep kan zich verschonen of kan worden gewraakt, indien er te zijner aanzien feiten of omstandigheden bestaan waardoor in het algemeen de onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. In dat geval wordt zijn plaats ingenomen door een plaatsvervangend lid.

2. De commissie kan getuigen en deskundigen horen.

3. a) De commissie beslist met gewone meerderheid van stemmen.

b) De commissie beslist in hoogste instantie.

4. De leden van de commissie ontvangen ten laste van de vereniging vergoeding van onkosten.

5. Aan getuigen en deskundigen kan vergoeding van reis- en verblijfkosten worden toegekend.

6. De commissie doet jaarlijks verslag van haar werkzaamheden aan de algemene ledenvergadering.

7. Na afdoening van de zaak worden de daarop betrekking hebbende stukken gedeponeerd in het archief van de vereniging onder beheer van de secretaris van het bestuur.

 

BEROEP omtrent de voordracht tot toelating als lid

Artikel 13

1. Indien het bestuur onvoldoende termen aanwezig acht een aanvrager van het lidmaatschap toe te laten tot het aangevraagde lidmaatschap, doet het van deze beslissing schriftelijk en gemotiveerd mededeling aan de aanvrager. Deze kan binnen drie maanden na dagtekening van de beslissing hiertegen in beroep gaan door een gemotiveerd beroep¬schrift in te dienen bij de secretaris van de commissie van beroep.

2. Het bestuur stelt alle op de aanvraag betrekking hebbende stukken ter beschikking van de commissie.

3. De commissie stelt een onderzoek in met inachtneming van het bepaalde in artikel 12 van het huishoudelijk reglement.

4. De commissie deelt haar beslissing schriftelijk en gemotiveerd mee aan de aanvrager. Deze beslissing is gedagtekend. Een afschrift van de beslissing wordt verzonden aan de secretaris van het bestuur.

Artikel 14

1. Indien het bestuur een aanvrager toelaat als aspirantlid, registerlid, gewoon lid, lid specialist, of belangstellend lid van de vereniging kunnen gewone leden, registerleden of leden specialisten van de vereniging binnen een maand na de afkondiging hiervan bezwaar maken door middel van een gemotiveerd bezwaarschrift, te richten aan de secretaris van het bestuur.

2. Het bestuur kan de ingebrachte bezwaren overnemen en geeft de aanvrager hiervan bericht. Het bestuur kan ook zijn oorspronkelijke beslissing handhaven en bericht hiervan de bezwaarde. Aanvrager en bezwaarde zijn beiden gerechtigd in beroep te gaan bij de commissie van beroep, binnen drie maanden na dagtekening van de beslissing van het bestuur, door het indienen van een gemotiveerd beroepschrift bij de secretaris van de commissie van beroep.

3. Ingeval van beroep zendt de secretaris van het bestuur de bescheiden die betrekking hebben op de aanvraag, benevens het bezwaarschrift, aan de secretaris van de commissie van beroep. De commissie stelt een onderzoek in met inachtneming van het bepaalde in artikel 12 van het huishoudelijk reglement.

4. De commissie doet schriftelijk uitspraak over het al dan niet toelaten tot het lidmaatschap van de aanvrager. Deze uitspraak is gedagtekend en gemotiveerd. Een afschrift van de uitspraak wordt gezonden aan bezwaarde en aan de secretaris van het bestuur.

 

BEROEP omtrent de erkenning als leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut

Artikel 15

1. Indien het bestuur onvoldoende termen aanwezig acht een aanvrager van de erkenning als leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut als zodanig te erkennen, doet het van deze beslissing schriftelijk en gemotiveerd mededeling aan de aanvrager. Deze kan hiertegen binnen drie maanden na dagtekening van de beslissing in beroep gaan door een gemotiveerd beroepschrift in te dienen bij de secretaris van de commissie van beroep.

2. Het bepaalde in leden 2 t/m 4 van artikel 13 is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 16

1. Indien het bestuur een aanvrager erkent als leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut kunnen gewone leden en leden specialisten van de vereniging binnen een maand na afkondiging hiervan bezwaar maken door middel van een gemotiveerd bezwaarschrift, te richten aan de secretaris van het bestuur.

2. Het bepaalde in de leden 2 t/m 4 van artikel 14 is van overeenkomstige toepassing.

 

BEROEP omtrent de erkenning als supervisor

Artikel 17

1. Indien het bestuur onvoldoende termen aanwezig acht een aanvrager van de erkenning als supervisor als zodanig te erkennen, doet het van deze beslissing schriftelijk en gemotiveerd mededeling aan de aanvrager. Deze kan hiertegen binnen drie maanden na dagtekening van de beslissing in beroep gaan door het indienen van een gemotiveerd beroepschrift bij de secretaris van de commissie van beroep.

2. Het bepaalde in de leden 2 t/m 4 van artikel 13 is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 18

1. Indien het bestuur een aanvrager erkent als supervisor kunnen gewone leden van de vereniging binnen een maand na de afkondiging hiervan bezwaar maken door middel van een gemotiveerd bezwaarschrift, te richten aan de secretaris van het bestuur.

2. Het bepaalde in de leden 2 t/m 4 van artikel 14 is van overeenkomstige toepassing.

 

BEROEP omtrent de toelating als opleidingskandidaat

Artikel 19

1. Indien het bestuur onvoldoende termen aanwezig acht een aanvrager toe te laten als kandidaat tot de opleiding, kan deze binnen drie maanden na dagtekening van de beslissing van het bestuur hiertegen in beroep gaan door het indienen van een gemotiveerd beroepschrift bij de secretaris van de commissie van beroep.

2. Het bepaalde in de leden 2 t/m 4 van artikel 13 is van overeenkomstige toepassing.

 

BEROEP omtrent besluiten door de OC ten aanzien van de voortgang van de opleiding van kandidaten

Artikel 20

1. Kandidaten kunnen tegen besluiten van de OC ten aanzien van de voortgang van hun opleiding in beroep gaan bij het bestuur door het indienen van een gemotiveerd bezwaarschrift bij de secretaris van het bestuur.

2. De OC stelt, indien het bestuur hierom verzoekt, de voor het beroep relevante stukken ter beschikking van de bestuur.

3. Het bestuur toetst de procedurele aspecten van de totstandkoming van het betwiste besluit en kan op basis daarvan beslissen het besluit te vernietigen. Het bestuur deelt haar beslissing schriftelijk en gemotiveerd mee aan de kandidaat en stuurt hiervan een afschrift aan de secretaris van de OC.

4. Na besluit hiertoe van het bestuur óf op verzoek van de kandidaat kan aansluitend hierop een inhoudelijk toetsing van het betwiste besluit plaatsvinden door de Commissie van Beroep.

5. De Commissie van Beroep stelt op basis van het beroepschrift een onderzoek in en kan, ten behoeve van het vormen van een oordeel, de kandidaat en leden van de OC horen.

De Commissie van Beroep deelt haar beslissing schriftelijk en gemotiveerd mee aan de aanvrager. Een afschrift van de beslissing wordt gezonden aan de secretaris van de OC. Het besluit van de Commissie van beroep is bindend voor OC en bestuur.

 

BESTUUR

Artikel 21

Bestuursleden genieten als zodanig geen bezoldiging. Reis-, verblijf- en dergelijke kosten kunnen voor rekening komen van de vereniging.

 

BESTUURSCOMMISSIES

Artikel 22

Leden van bestuurscommissies worden benoemd voor de duur van drie jaar. Het aftreden geschiedt volgens een door het bestuur vastgesteld rooster. Aftredende leden zijn terstond voor een volgende termijn benoembaar. Een commissielid kan maximaal twee keer herbenoemd worden.

Dit artikel is van overeenkomstige toepassing voor leden die in andere verbanden optreden als vertegenwoordiger namens de vereniging.

Alle bestuurscommissies brengen binnen drie maanden na afloop van het verenigingsjaar aan het bestuur schriftelijk verslag uit van hun werkzaamheden. Dit verslag wordt door het bestuur, onder verantwoordelijkheid van de betreffende commissie, aan de jaarvergadering aangeboden.

Toelatingscommissie:

Artikel 23

1. Het bestuur formeert een toelatingscommissie, die bestaat uit tenminste drie leden. Het bestuur formuleert de opdracht aan de commissie.

2. De opdracht aan en het reglement en de benoemingen van de toelatingscommissie behoeven de goedkeuring van de ledenvergadering.

3. Tussentijdse vacatures in de toelatingscommissie worden steeds ten spoedigste door het bestuur opgevuld.

 

Commissie supervisorenopleiding:

Artikel 24

1. Het bestuur formeert een supervisorenopleidingscommissie, die bestaat uit tenminste drie leden/supervisoren. Het bestuur formuleert de opdracht aan de commissie.

2. De opdracht aan en het reglement en de benoemingen van de supervisorenopleidingscommissie behoeven de goedkeuring van de ledenvergadering.

3. Tussentijdse vacatures in de supervisorenopleidingscommissie worden steeds ten spoedigste door het bestuur opgevuld.

 

Commissie erkenning leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut:

Artikel 25

1. Het bestuur formeert een commissie erkenning leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut, die bestaat uit drie leden. Een van de leden en tevens de secretaris is in het bestuur de portefeuillehouder erkenning leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut. Twee van de drie leden zijn zelf erkend als leertherapeut, waarvan minstens 1 als PVL en 1 als AVL.

2. De opdracht aan en het reglement en de benoemingen van de commissie erkenning leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut behoeven de goedkeuring van de ledenvergadering.

3. Tussentijdse vacatures in de commissie erkenning leeranalyticus/psychoanalytisch leertherapeut worden steeds ten spoedigste door het bestuur opgevuld.

 

Opleidingscommissie:

Artikel 26

1. Het bestuur formeert de Opleidingscommissie (OC) die bestaat uit tenminste 5 leden. Eén lid van de OC is een vertegenwoordiger van de cursisten die in opleiding zijn bij de vereniging. Alle overige leden van de commissie zijn gewoon lid of lid specialist van de vereniging. Ten minste twee leden van de commissie zijn supervisor bij de vereniging; tenminste één lid heeft ruime ervaring in het geven van onderwijs. Eén lid van de commissie wordt voorgedragen door de bestuurscommissie KinderAnalytische Therapieën (KAT). De voorzitter en de secretaris van de OC worden door het bestuur in hun positie benoemd. De commissie benoemt uit haar geledingen een mentor en een coördinator supervisiezaken.

2. De opdracht aan de OC is neergelegd in het Opleidingsreglement, vastgesteld door de ledenvergadering met inachtneming van de vereisten opgenomen in artikel 16 van de statuten. Dit Opleidingsreglement is in bijlage bij het HHR gevoegd.

3. De OC adviseert het bestuur ten aanzien van de benoemingen van leden van de OC.

4. De opdracht aan en de benoemingen in de OC behoeven de goedkeuring van de algemene ledenvergadering.

5. Tussentijdse vacatures in de OC worden steeds ten spoedigste door het bestuur opgevuld, zulks met inachtneming van het in lid 3 bepaalde.

 

Commissie wetenschap:

Artikel 27

1. Het bestuur formeert een commissie wetenschap, die bestaat uit tenminste drie leden. Het bestuur formuleert de opdracht aan de commissie.

2. De opdracht aan en de benoemingen van de commissie wetenschap behoeven de goedkeuring van de ledenvergadering.

3. Tussentijdse vacatures in de commissie wetenschap worden steeds ten spoedigste door het bestuur opgevuld.

 

Register commissie:

Artikel 28

1. Het bestuur formeert een register commissie, die bestaat uit tenminste twee gewone leden. Het bestuur formuleert de opdracht aan de commissie.

2. Een lid van het bestuur is voorzitter van de register commissie.

3.De register commissie rapporteert jaarlijks aan het bestuur van de vereniging.

4. Eens per jaar heeft de register commissie een afstemmingsoverleg met de besturen van de registers.

5. De opdracht aan en het reglement en de benoemingen van de register commissie behoeven de goedkeuring van de ledenvergadering.

6. Tussentijdse vacatures in de register commissie worden steeds ten spoedigste door het bestuur opgevuld.

 

REGISTERS

Artikel 29

1. Op voordracht van de registercommissie kan het bestuur een register instellen binnen de vereniging.

2. Het bestuur van een register beslist over de eisen waaraan de verschillende soorten leden van dit register dienen te voldoen, en beslist over de toelating tot registerlid.

3. Van elk erkend register is een Registerreglement toegevoegd aan dit Huishoudelijk reglement.

4. Bij geschillen binnen een register legt het bestuur van het register het geschil ter beslechting voor aan de register commissie.

5. Eens per jaar heeft het bestuur van een register afstemmingsoverleg met de register commissie.

 

TUCHTRECHT

Artikel 30

Een lid valt uit hoofde van zijn beroep onder de wet BIG en daarmee onder het tuchtrecht.  Een lid maakt actief melding aan het bestuur van de NVPP indien een sanctie  (schorsing, gedeeltelijke ontzegging van het beroep, schrappen uit het BIG-register) door het Tuchtcollege is opgelegd. Schorsing of schrappen uit het BIG-register zal voor de NVPP leiden tot schorsing of opzegging van het lidmaatschap voor de duur van de maatregel.  Publicatie van dit besluit volgt via nieuwsbrief van de NVPP naar haar leden.