Auteursarchief: arveeAdmin

foto bij column frans schalkwijk

In de keuken

Frans Schalkwijk, psychoanalytisch psychotherapeut en psychoanalyticus

Niet al het therapeutische werk vindt plaats in de spreekkamer, althans, niet voor deze vrij gevestigd psychotherapeut. Tussen de therapieën door drentel ik wat door de keuken, als de telefoon gaat. Een mevrouw belt, zo te horen rond de vijftig jaar, die vriendelijk vraagt of ze me even mag storen. Dat mag; ik registreer dat ik nog tien minuten tot de volgende klant heb. Ze heeft mijn telefoonnummer van de website, waar ze terecht kwam nadat ze op internet op zoek was gegaan naar informatie over narcisme. Ik sta meteen in de hulpverlenersstand. Dit is niet iemand die iets wil verkopen. Ze woont ver van waar ik praktijk heb en ik ga in mijn gedachten al na welke collegae in haar buurt wonen.
Ze is ten einde raad en uitgeput. Ze lijkt haar tranen in te houden en herstelt zich. Ze neemt me niet in bezit, het contact is prettig en ik wil dan ook best even tijd nemen. Al jaren worstelt ze in haar huwelijk en ze heeft al ettelijke psychotherapeuten gesproken, steeds op zoek naar haar eigen aandeel in de manier waarop haar partner met haar omgaat. Hij devalueert en kleineert haar en bepaalt alles. Zowel sommige van haar therapeuten als haar vriendinnen hebben haar aangeraden te scheiden, omdat ze haar man echt niet iemand vinden om mee samen te zijn. De verkeerde is in therapie, zeggen ze. Maar een scheiding wilde ze steeds niet, het kon toch niet zo zijn dat hij niet te veranderen was? Nu kwam er recent een traumatische gebeurtenis in het gezin bij, en nu loopt ze vast in het verdriet daarover. Ze moet niet zo janken en de sfeer in huis steeds verpesten, krijgt ze te horen. Al luisterend krijg ik een beeld bij haar huwelijk, en moet denken aan mijn cliënt van vanochtend, die waarschijnlijk qua persoonlijkheid dicht in de buurt komt van wie zij beschrijft. Een moeizaam verlopende behandeling, waar ik tevreden moet zijn als de scherpe kanten van zijn verongelijkte woede eraf gaan en hij het contact met anderen gaat opzoeken en waarderen. Het zou mooi zijn als hij wat meer empathie kon ontwikkelen, voor zichzelf als miskend kind en voor anderen als mensen met een eigen gevoelsleven.
Na een paar minuten neem ik het initiatief over in het gesprek. Het komt regelmatig voor dat mensen advies vragen op basis van hun diagnose van hun partner, en steevast benadruk ik dat dat dan haar, en niet mijn diagnose is. Ik beantwoord haar directe vraag naar de mogelijkheid van verandering van narcistische problematiek, zoals ik die hierboven voor mijn cliënt beschreef. Zonder vaktermen te noemen opper ik haar dat, als er sprake is van een narcistische collusie, er vaak zo’n innerlijk conflict over een scheiding is. Het verlangen naar weer vrij mogen ademen strijdt dan bijvoorbeeld met schaamte hem niet te hebben kunnen veranderen. Ik geef nog advies over hoe zij het beste haar man kan voorleggen dat ze nu echt eist dat hij hulp zoekt en dat ze zelf de collega die ik haar noem niet moet bellen omdat het contact dan al besmet kan zijn. Ik noem dat de vorige therapeuten en vriendinnen wellicht gelijk hebben dat het anders toch echt te overwegen is uit elkaar te gaan. Na tien minuten ronden we het gesprek af.
Ik vermoed dat zij zich gesteund voelt, maar waar ze uiteindelijk op uitkomt, ik zou het niet weten. Maar dergelijke korte telefoontjes heb ik wel vaker sinds ik een website heb. De Gouden Gids vermelding voor psychotherapeuten heb ik altijd afgehouden; ik heb een goed verwijzerscircuit en heb geen behoefte aan cliënten die in een impuls de Gouden Gids te hulp roepen. Ik ben tenslotte tweedelijns therapeut! Maar … nu ik mijn website heb en toch ‘Gouden Gids-telefoontjes’ krijg, merk ik dat het ook leuk is met iemand kort mee te denken over wat goed zou zijn en waar dat te vinden zou zijn, ook al heb ik zelf helemaal geen plek in de praktijk. Grappig om te merken hoe dat in de loop van de jaren is veranderd.

Frans Schalkwijk

Verkort traject psychoanalytische kinder- en jeugdopleiding

Ondanks de huidige dominantie van het klachtgerichte denken is de belangstelling om over de binnenwereld van onze jonge cliënten na te denken, over hun worstelingen in het vinden van een evenwicht tussen eigen verlangens, gevoelens en fantasieën en zich voegen aan de eisen van de buitenwereld nooit helemaal verdwenen. De laatste jaren zijn begrippen als mentale representaties of interne werkmodellen gemeengoed geworden. Ook het wetenschappelijk onderzoek naar de werkzaamheid van psychoanalytische psychotherapieën neemt gestaag toe.

De Nederlandse Vereniging voor Psychoanalytische Psychotherapie (NVPP) wil daarom aan kinder- en jeugd psychotherapeuten een onderdak bieden om met gelijkgestemden te werken aan het behoud van het psychoanalytische gedachtegoed. De NVPP biedt de mogelijkheid tot verdere verdieping in het psychoanalytische gedachtegoed waarin kenmerken als het onbewuste, de binnenwereld, fantasieën, dromen, de psychotherapeutische relatie met overdracht en tegenoverdracht, weerstand, ageren en de individuele subjectieve ervaring centraal staan, die in het klachtgerichte denken nauwelijks een rol van betekenis spelen.

De NVPP is zich er van bewust dat in de huidige tijdsgeest het ontwikkelen van en onderzoek naar kortdurende psychoanalytische psychotherapieën toegespitst op kinderen en jeugdigen een belangrijke plek moet krijgen. Wij willen daarom een ieder die een bijdrage wil leveren aan die onderneming van harte welkom heten. Hoewel dit op eerste gezicht een zeer ambitieus streven is, is het goed denkbaar dat de psychoanalytische deeltechnieken die bij volwassenen al het predicaat evidence-based psychotherapie hebben verkregen – zoals de DIT KPSP, TFP, MBT en de Affect-Fobie Psychotherapie – ook toegankelijk gemaakt worden voor kinderen en jeugdigen.

De NVPP wil daarom een ieder uitnodigen die al vanuit een psychoanalytisch perspectief werkt en klinisch kinderpsycholoog, kinderpsychotherapeut of kinderpsychiater is om het volledig lidmaatschap van de NVPP te verwerven via het verkorte traject van de Psychoanalytische Kinder- en Jeugd Opleiding, die in 2012 van start is gegaan.

De NVPP biedt dit cursusjaar 2014 éénmalig de mogelijkheid aan kinderpsychotherapeuten die al diverse psychoanalytische basismodules in hun psychotherapie-opleiding gehad hebben, om in te stromen in het verkorte tweejarige opleidingstraject van de Psychoanalytische Kinder- en Jeugd Opleiding. De cursus vindt plaats in Amsterdam op dinsdagavond (19.00 – 22.00 uur). Verdere informatie over de opleiding is te vinden op deze website onder het kopje Opleidingen.

Bij de aanmelding voor deze Psychoanalytische Kinder- en Jeugd Opleiding wordt een vrijstellingenbeleid gehanteerd van maximaal 180 uur (twee jaar) theoretisch-technische cursus; 30 uur technisch seminar; en 50 uur supervisie over twee psychodynamische therapieën mits de supervisies zijn gevolgd bij door de NVPP erkende supervisoren. Wat betreft de leertherapie kan de toelatingscommissie vrijstelling verlenen, indien naar het oordeel van de Toelatingscommissie in de eerdere leertherapie een werkelijk psychoanalytisch proces heeft plaatsgevonden. Met deze vrijstellingen is het betrekkelijk eenvoudig om na twee jaar het volledig lidmaatschap van de NVPP te verwerven.

U kunt zich tot 1 mei 2014 aanmelden bij de NVPP Toelatingscommissie – verkorte Kinder- en Jeugd Opleiding t.a.v. mw. I. Wolff, info@nvpp.nl of via Postbus 175, 3956 ZV Leersum.

Uw aanmelding dient te bestaan uit een brief met motivatie om deze opleiding te gaan volgen, uw C.V. en – indien u voor vrijstelling in aanmerking wenst te komen – documenten die een dergelijk vrijstellingsverzoek onderbouwen.

Voor verder informatie kunt u zich richten tot één van de werkgroepleden:

Werkgroep Psychoanalytische Kinder- en Jeugd Psychotherapie PKJP

 

Linda Dil

Max Güldner

Peter de Koningh

Frans Stortelder

06-12-2013

foto-Dorien-260x195

Uit welke spreekkamer?!

Dorien Philipszoon, psychiater en psychoanalytisch psychotherapeut

Als psychiater, psychoanalytisch psychotherapeut en supervisor werk ik in verschillende spreekkamers. Twee vaste spreekkamers en meerdere wisselende ruimtes. Op al die plekken is voor mij hetzelfde belangrijk. Ik moet me er namelijk zelf prettig genoeg voelen om mijn werk goed te kunnen doen en zo voldoende holding en veiligheid aan mijn patiënten en supervisandi te kunnen bieden. Voor mij houdt dit heel concreet in dat ik het liefst werk in een lichte persoonlijke spreekkamer met warme kleuren, schilderijen, planten en liefst bloemen. Dit klinkt voor u waarschijnlijk als een open, logische deur, want iedereen werkt toch het best in een prettige op zijn/haar persoon afgestemde kamer? In GGZ-instellingen wordt het echter steeds gewoner om regelmatig te verhuizen van plek of om geen vaste kamer te hebben, het zogenaamde “flexwerken”. Dit maakt ons werk mijns inziens moeilijker uitvoerbaar, namelijk moeilijker om jezelf prettig genoeg te voelen.

Maar hoezo moet je jezelf prettig voelen, waarom is dat zo belangrijk?

Ik kom via een omweg bij deze vraag. Eerst dit: wat doe ik eigenlijk in mijn spreekkamers? Luisteren, praten, etcetera. Maar volgens mij is het meest specifieke wat ik doe mentaliseren, steeds opnieuw. Mentaliseren over mijn patiënte, die zichzelf weer in een onmogelijke afhankelijke situatie gebracht heeft, waaraan ik me erger, maar dan realiseer ik mijn ergernis, waarover ik reflecteer en dan ga ik samen met haar nadenken over wat er aan de hand zou kunnen zijn. Of reflecteren over mijn supervisand, die angstig is over zijn patiënt, die in allemaal sloten tegelijk aan het lopen is. Ik raak ook even de weg kwijt, word een beetje angstig van de hele situatie en wil het liefst net als mijn supervisand alles snel oplossen. Ik merk dit bij mijzelf, deel dit gevoel met mijn supervisand, hij herkent hetzelfde gevoel bij hem en samen reflecteren we over onze gevoelens en over zijn patiënt. Of mentaliseren over een groepsproces in mijn team, waarin we ernstige borderline patiënten behandelen. Regelmatig spelen in ons team heftige gevoelens, parallel aan de processen, die in de groepspsychotherapie spelen. Ook hier raken we regelmatig ons mentaliserend vermogen even kwijt, één van ons realiseert zich dat en dan reflecteren we er samen over.

Om steeds opnieuw te kunnen mentaliseren ofwel reflecteren ofwel met gevoel nadenken, moet je zelf goed genoeg in je vel zitten. Moet je jezelf prettig genoeg voelen, wat natuurlijk van meerdere factoren afhankelijk is. Een goede persoonlijke spreekkamer helpt hierbij en is voor mij onontbeerlijk!

Quote 2

ik ging in therapie omdat ik graag wilde stoppen met ‘rechtdenken’.
Zo noemde ik mijn oplossing voor wegmaken van emoties als angst en boosheid.
Door de therapie werd ik mij bewust van de bron van dit ‘rechtdenken’, en met dit inzicht kon ik dat na verloop van tijd stoppen en mijn gevoel toelaten.

Ook daar viel nog een wereld te ontdekken: mijn binnenwereld bleek behoorlijk polair. Aan de ene kant vond ik een hele kritische übermensch die vindt dat zij altijd door rood licht mag fietsen en iedere presentatie uitmuntend moet afronden.
Aan de andere kant trof ik een heel klein verlegen meisje aan.

Deze twee maken het elkaar in het dagelijks leven niet gemakkelijk. Met dat inzicht kan ik nu mijzelf gerust stellen als ik bang ben en de übermensch op vakantie sturen als ik de lat te hoog leg of zelfs de hulp inschakelen van bijvoorbeeld vrienden. En de beste remedie voor deze twee uitersten in mijn binnenwereld bleek humor te zijn. Waar een goeie grap én therapie al niet goed voor is..

Quote 1

Het was spannend om de eerste stap te zetten maar het was het zeker waard.

In de therapie kreeg ik handvatten waarmee ik me los kon maken van mijn ouders en meer afstand kon creëren.

Tijdens de gesprekken kreeg ik een spiegel voorgehouden waarmee een proces in gang is gezet, met als resultaat dat ik me nu een stuk zekerder voel. De bevestiging die ik eerst zo nodig had heb ik nu niet meer nodig, die vind ik nu bij mezelf.

Ik ben blij dat een aantal gesprekken mij op deze manier verder heeft geholpen.

Onderzoek en literatuur

onderzoek

Sinds de start hebben het psychoanalytisch denken en de praktijk zich steeds verder ontwikkeld en vernieuwd, en daar is veel over geschreven, zowel voor belangstellenden als vakgenoten. Recentelijk is er veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de werking en effectiviteit van psychoanalytische psychotherapie. Dat heeft ook wetenswaardige literatuur opgeleverd. Lees verder

Eerste gezamenlijke psychoanalytische studiedag “identiteit” voor en door kandidaten en opleidelingen van de vier Nederlandse psychoanalytische verenigingen een groot succes

Op 9 maart 2013 vond voor het eerst in de geschiedenis een gezamenlijke studiedag voor en door kandidaten en opleidelingen van de vier Nederlandse psychoanalytische verenigingen plaats. Gekozen was voor het thema Identiteit.

De reacties waren (erg) enthousiast en er werd bijna unaniem gestemd voor een herhaling van een dergelijke dag.
Dat enthousiasmeerde de organisatie natuurlijk om alvast vooruit te denken over het organiseren van een nieuwe kandidaten studiedag. Een eerste aanzet daarvoor is door de huidige bezetting gedaan, de komende maanden zal onderzocht worden of en hoe het haalbaar zal zijn.

De teksten van de studiedag zijn gebundeld in een prachtig boekje: boekje lezingen GPS definitief